Close

22 april 2016

Mister & Miss Marketing

De groep aanspreken. De centrale persoon zijn. Veel content terugkrijgen zonder er zelf al te veel voor te hoeven produceren. Staat je sociale media als een huis dan is dit de droom van elke Mister of Miss Marketing. De aanjager van een ‘online community’ is de community manager ofwel de moderator. Als alle leden echter enthousiast deelnemen door vragen te stellen, discussies te posten, projecten te starten of een blog schrijven dan is de ‘online community’ pas echt sterk. De groep is dan onafhankelijk van één persoon. De vraag rijst…

Welke 10 tips zijn er voor de communicatieman of communicatievrouw te geven om direct leden te activeren, mobiliseren en enthousiasmeren?

  • Zorg voor een concreet doel: Een concreet doel is SMART. Dat staat voor Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden.
  • Splits de taken op en maak de takenlijst kenbaar: Door taken op te splitsen en de stappen kenbaar te maken, wordt een groot gezamelijk project veel inzichtelijker en haalbaarder. Dit komt de motivatie van de ‘online community’ ten goede.
  • Stel een deadline in: Ook een deadline activeert. Met een duidelijke tijdsafbakening gaat men eerder aan de slag.
  • Licht bijzondere leden of belangrijke bijdragen uit: Bijna iedereen is gevoelig voor status. Als een van de leden dus een mooie bijdrage heeft geplaatst of een belangrijke rol heeft gespeeld, maak dat dan zichtbaar voor de rest. Bijvoorbeeld door er een artikel aan te wijden in de nieuwsbrief, een wall of fame te maken in de ‘online community’ of iemand te vragen eens een presentatie of workshop te geven voor de rest van de groep. Deze vorm van beloning zal de rest van de groep aansporen om hun best doen iets origineels te bedenken, omdat ze dan ook willen dat hun werk beloont en uitgelicht wordt.
  • Werk met een nieuwsbrief: Een nieuwsbrief is een makkelijke manier om leden op de hoogte te stellen wat er gebeurt in de ‘online community’. Dit triggert leden telkens opnieuw om in te loggen en zelf te reageren op de inhoud van de ‘online community’.
  • Faciliteren in plaats van controleren: In een online dialoog van de ‘online community’ is het het beste om als communitymanager de rol van facilitator in te nemen. Dit houdt in dat je zoveel mogelijk open vragen stelt, zo weinig mogelijk sturing geeft en je in discussies enkel mengt om besproken content samen te vatten.
  • Gebruik de @ – mention: De @-mention is bij de meesten wel bekend via Twitter. Als je een apenstaartje plaatst, gevolgd door iemands naam, dan krijgt diegene hier een notificatie van in zijn mail. Veel communitysoftware is standaard uitgerust met deze functionaliteit. Als er een vraag in je forum op beantwoording wacht, kun je de @-mention benutten om andere personen de discussie in te trekken. Het is een laagdrempelige manier om de juiste inhoudelijke experts bij een discussie te betrekken. Wat ook goed werkt, is een startvraag of nieuw discussietopic direct aan iemand te richten met een @-mention.
  • Lok de eerste bijdrage of reactie uit: Een @-mention, vraag of andere techniek om een eerste bijdrage of reactie uit te lokken. Die eerste is namelijk het moeilijkste. Heb je die eenmaal verkregen dan volgen meer bijdragen of reacties (het ‘eerste schaap over de dam, dan volgen er meer’- principe).
  • Bel of mail je leden: Persoonlijk contact om bepaalde zaken af te stemmen met elkaar is nog altijd een bewezen werkende methode. Niet alles hoeft via de ‘online community’ te lopen. Vragen staat vrij en betreft het 1 persoon dan kan die het beste via de telefoon (bellen, sms’en) of via een e-mail benaderd worden.
  • Fun: ‘Online communities’ waar ook ruimte is voor vrijblijvende gezelligheid, presteren beter. Veel ‘online communities’ kennen een afgebakende plek voor leut zoals een ‘koffiehoek’ of een ‘offtopic-thread’. Als beheerder kan je bijvoorbeeld regelmatig speelse topics aanmaken of online ‘spelletjes’ organiseren. Het verhoogt de levendigheid enorm!

Digital community