Close

15 maart 2015

Hole-in-one

Golf, golf en nog eens golf. Al méér als 10 jaar lang, ik begon na mijn zwemdiploma’s, speel ik gem. 3 keer per week. Op mijn thuisclub, Golfclub Grevelingenhout, ben ik als het ware opgegroeid. Van ’t weekend was er ‘Flow’ – training. Een kijkje in de wereld van deze vermeende káksport….

Uitleg over handicaps, verschillende spelvormen en techniek laat ik voor nu even achterwege. Daar zal ik in een later stadium nog wel op inzoomen. Simpel gesteld gaat golf namelijk om het in zo min mogelijk slagen brengen van de bal naar de vlag (de hole). Dit doe je met je materiaal; maximaal 14 stokken oftewel de golfclubs genoemd. Net als bij minigolf, vast wel eens gedaan tijdens een vakantie, heb je allerlei hindernissen op een 18-holes golfbaan. Ze zijn alleen wat groter en uiten zich in waterpartijen, bomen, struiken, huisjes en soms is de vlag niet te zien doordat de hole in een bocht naar links of naar rechts loopt. Heuvels maken het spel vaak ook lastig en uitdagend!

Het mooie van golf is echter dat écht werkelijk waar iedereen het kan leren. Als kleine uk begon ik dus ooit zélf met een groepje klasgenoten van de basisschool aan golf. Met dit groepje had ik altijd les van mijn golfprofessional (de pro) om de motoriek, techniek en feeling voor het spel te optimaliseren. Inmiddels weet ik het balletje aardig te raken, waardoor je dus zou kunnen zeggen: ‘jong geleerd, is oud gedaan’. Dat gaat voor mij dan wel op, maar dat wil niet zeggen dat je kansloos bent als je er op 50-jarige leeftijd pas mee begint. Er zijn zelfs vrij veel senioren, die consequent veel betere rondjes lopen dan jonge golfers of golfsters. (Levens)ervaring, rust en weldoordacht spelinzicht telt namelijk ook. Teveel risico willen nemen kan, net als in het “echte” leven, weleens nadelig uitpakken.

Opgegroeid met golf is ook de shift in het denken over golf als hobby leuk om in mijn eerste blog over deze sport kort aan te stippen. Op de basisschool was ik niet de enige, maar was het wel apart en geen gemeengoed zoals voetbal of tennis. Het werd nog niet helemaal begrepen. Hoe ouder ik werd hoe minder exclusief het werd en hoe interessanter men het vond dat ik juist hier al mijn vrije tijd in stak. In heel Nederland zag je ook groei en toename van jeugdspelers. De golfclubs zelf werden steeds professioneler omtrent jeugd en bieden nu bijna allemaal zeer goede programma’s aan om doelgericht beter te worden in golf. Met mijn overgang naar de universiteit was de shift in het denken helemaal compleet. Hier was golf helemaal geen vreemde hobby, maar opeens ‘cool’. Nu weet ik ook wel dat de universiteit an sich ook gezien kan worden als een elitair bolwerk met het corps enzovoorts. Echter studeerde ik in Rotterdam en daar zijn ze toch vrij ‘down to earth’.

Goed dan nu nog even over de ‘Flow-training’ van dit weekend. Gebaseerd op de Oosterse zwaardvechters werd mij en andere clubleden afgelopen zaterdag een techniek aangeleerd om ook mentaal goed te kunnen presteren. Door bijvoorbeeld een ‘hole-in-one’ [1] te visualiseren sla je er ook sneller eentje in het echt. Klinkt zweverig en ongeloofwaardig, maar dat viel me in de praktijk heel erg mee. Met gerichte oefeningen, onder meer door ook mét links te slaan (tweezijdig trainen), train je je hersenhelften op een heel andere wijze. Je coördinatie verbetert hierdoor zichtbaar. Als het dan even lastig wordt door een slechte ligging bij een boom kun je ook overschakelen op het ‘omgekeerd’ slaan van de bal. Op het mentale vlak valt er dus veel te halen voor de golfer. Zoals een beroemde legendarische golfer (Bobby Jones) ooit al zei: “Golf is a game that is played on a five-inch course — the distance between your ears.”

[1] Hole-in-one is een term voor het in 1 keer in de vlag (de hole) slaan van de bal. Dit betekent feest en een rondje geven in het clubhuis. Samen met een solide ronde zorgt een hole-in-one vaak voor een hele goede score en bij de professionele top is er soms een auto/ruimtereis o.i.d. mee te winnen.